vrijdag 11 mei 2018

Aantekeningen over het verplaatsen van obelisken

Een jonge schrijver reist af naar Alexandrië met in zijn koffer de boeken die zijn overleden vriend Tomas schreef. Hij wil deze boeken vereeuwigen door ze in een kast in de beroemde Bibliotheek van Alexandrië te zetten. Tegelijk gaat hij op zoek naar de tombe van Alexander de Grote, over wie hij al langer een biografie wil schrijven.
Tijdens zijn zwerftochten door de Egyptische stad duiken allerlei herinneringen op aan Tomas, die er als een schim blijkt rond te waren. 











Arjen van Veelen is journalist, columnist en nu ook schrijver, dit is zijn debuutroman.

Dit boek is een ode aan zijn jong overleden vriend, de Belgische schrijver Thomas Blondeau.
Tijdens zijn studententijd in Leiden raken ze samen bevriend, het wordt een intense vriendschap.
De flamboyante schrijver T(h)omas neemt de ik figuur onder zijn hoede en spoort hem aan tot schrijven. Als hij onverwachts sterft gaat de hoofdpersoon een tijd later op reis naar Alexandrië. Deze reis wordt levensecht en beeldend beschreven. Hierdoor leek het soms of ik een reisverslag las, dit kwam mede door de foto's die door het boek heen geplaatst waren.


Voor de ik persoon is het echter geen plezierreisje, hij gaat een belofte inlossen die hij heeft gedaan aan zijn overleden vriend. Tijdens deze reis haalt hij herinneringen op en probeert zijn dood te aanvaarden. Op een symbolische manier neemt hij afscheid van hem en probeert hem los te laten.
Ik las een mooi verhaal over vriendschap en verlies.




Geen opmerkingen:

Een reactie posten